De bedrijfswagen blijft een vaste waarde op de Belgische arbeidsmarkt. Voor werkgevers is het een fiscaal efficiënte manier om medewerkers te verlonen, voor werknemers is het dan weer een aantrekkelijk voordeel dat mobiliteit combineert met comfort. Tegelijk groeit al enkele jaren de vraag naar meer flexibiliteit en maatwerk. Niet iedereen heeft nood aan een wagen, zeker niet in stedelijke contexten of bij veel hybride werken.
Het mobiliteitsbudget speelt nu ook in op die evolutie. Het laat werknemers steeds meer toe om hun mobiliteit af te stemmen op hun persoonlijke situatie én kan, mits doordacht ingezet, ook een duidelijke netto-meerwaarde opleveren.
Wat is het mobiliteitsbudget?
Het mobiliteitsbudget is een wettelijk alternatief voor de bedrijfswagen. Werknemers die in aanmerking komen, krijgen van hun werkgever een jaarlijks budget ter waarde van hun (potentiële) bedrijfswagen. Dat budget kunnen ze flexibel besteden aan verschillende mobiliteits- en woonoplossingen.
Het systeem is opgebouwd rond drie pijlers:
Pijler 1 – Duurzame wagen
Wie dat wil, kan (een deel van) het budget blijven gebruiken voor een bedrijfswagen, op voorwaarde dat die voldoet aan strikte milieunormen (elektrisch of zeer lage uitstoot).
Pijler 2 – Duurzame mobiliteit en wonen
Dit is de meest gebruikte pijler. Het budget kan onder meer ingezet worden voor:
openbaar vervoer,
(elektrische) fiets of speedpedelec,
deelmobiliteit,
abonnementen voor mobiliteitsdiensten,
én voor woonkosten (huur of hypothecaire lening), op voorwaarde dat de werknemer binnen een straal van 10 km van het werk woont.
Pijler 3 – Cash
Wat na pijler 1 en 2 overblijft, kan als cash worden uitbetaald, weliswaar onderworpen aan een bijzondere sociale bijdrage.
Wat verandert er richting in 2026?
In het regeerakkoord 2025 van de regering-De Wever werd aangekondigd dat het mobiliteitsbudget verplicht zou worden voor bedrijven die bedrijfswagens aanbieden, met een mogelijke gefaseerde invoering vanaf 2026. Het definitieve wetgevend kader moet nog worden vastgelegd, maar de richting is duidelijk: mobiliteit wordt flexibeler en minder eenzijdig rond de wagen georganiseerd.
Dat betekent niet het einde van de bedrijfswagen, wel een verschuiving naar keuzevrijheid. Werkgevers worden aangemoedigd om mobiliteit breder te bekijken, en werknemers krijgen meer autonomie om te kiezen wat het best past bij hun levensstijl.
Waarom kan het mobiliteitsbudget aanvoelen als een loonoptimalisatie?
Hoewel het mobiliteitsbudget vaak als een mobiliteitsmaatregel wordt gezien, heeft het in de praktijk ook een duidelijke impact op de koopkracht van werknemers.
Bij Robert Half zien we dat het tot nu toe voorlopig vooral medewerkers in stedelijke omgevingen zijn die er netto op vooruitgaan. Zij wonen vaak dichter bij het werk, hebben minder nood aan een wagen en kiezen bewust voor alternatieven zoals openbaar vervoer of fiets. Het feit dat woonkosten met pijler 2 netto kunnen worden gefinancierd, maakt voor velen een concreet verschil op het einde van de maand.
Belangrijk daarbij: voor werkgevers verandert de totale loonkost niet. Het gaat om een herverdeling binnen hetzelfde budget, maar met een hogere ervaren waarde voor de werknemer. Dat maakt het mobiliteitsbudget interessant in een context waarin klassieke loonsverhogingen onder druk staan.
Voor wie is het mobiliteitsbudget interessant?
Het mobiliteitsbudget is niet voor iedereen de beste keuze, maar het biedt duidelijke voordelen voor bepaalde profielen:
werknemers die in of rond steden wonen,
medewerkers met hybride of flexibele werkregelingen,
jonge professionals die investeren in wonen en minder belang hechten aan een wagen,
werknemers die multimodaal willen reizen.
Tegelijk blijft de bedrijfswagen relevant voor wie verder woont, vaak onderweg is of minder toegang heeft tot alternatieve mobiliteit. Het succes van het systeem zal dan ook sterk afhangen van hoe flexibel en inclusief bedrijven het invullen.
Aandachtspunten voor werkgevers en werknemers
Het mobiliteitsbudget vraagt een doordachte aanpak. Er zijn enkele aandachtspunten:
het systeem brengt extra administratieve opvolging met zich mee,
duidelijke communicatie is essentieel om misverstanden te vermijden,
werknemers moeten goed begrijpen wat de netto-impact is van hun keuzes.
Uit onze ervaring blijkt dat transparantie hier het verschil maakt. Bedrijven die hun medewerkers begeleiden bij het maken van keuzes, zien een hogere tevredenheid én een sterkere betrokkenheid.
Conclusie: minder wagen, meer keuze
Het mobiliteitsbudget past in een bredere evolutie op de arbeidsmarkt: weg van uniforme voordelen, richting maatwerk en flexibiliteit. Het is geen wondermiddel, maar wel een instrument dat, correct toegepast, beter aansluit bij de realiteit van vandaag.
Voor werknemers betekent het meer autonomie en potentieel meer netto-waarde. Voor werkgevers is het een manier om aantrekkelijk te blijven zonder de loonkost te verhogen. In 2026 lijkt het mobiliteitsbudget dan ook minder een experiment te zijn en meer een vast onderdeel van het Belgische loonlandschap.
Hoeveel zou ik moeten verdienen of aanbieden?
Naar de Salarisgids
Kom op een interactieve manier alles te weten over de salarissen voor tal van functies en trends binnen administratie, HR en office support, finance en boekhouding, IT en digital, en project en interim-management in België.